De wording

"De wording" verwijst naar de beginperiode van Raveels oeuvre. Het was een tentoonstelling van jaren verborgen gebleven schilderijen en tekeningen.

De toeschouwer werd er geconfronteerd met de beschouwelijke picturale innerlijkheid van zijn vroegste landschappen, met de naakte universele zeggingskracht van zijn portretten en figuren, met het ontstaan van de afwezige aanwezigheid in zijn tuintjes, met het autonome schilderen in zijn naar de abstractie neigende doeken.De tekeningen tonen hoe Raveel van meetaf aan een scherp en ongenadig waarnemer is geweest. Ze doen ons het ABC ontdekken van zijn plastisch alfabet. "De wording" liet het ontstaan van Raveels eigengereide visie zien.
Het was een tentoonstelling voor liefhebbers van pure schilderkunst.Op deze zomertentoonstelling waren schilderijen en tekeningen van Roger Raveel uit de periode 1941 - 1960 te zien. De werken, waarvan vele nog nooit werden getoond, tonen Raveels zoektocht naar zijn unieke beeldtaal. De vroegste landschapjes op deze tentoonstelling lijken nog beïnvloed door het animisme, maar overstijgen het idealiserende aspect ervan. In het bevrijdend geschilderde zelfportretje uit 1946 zitten reeds heel wat elementen die belangrijk zijn met het oog op de latere ontwikkeling van Raveel.
Vanaf 1948 ontwikkelt Raveel een steeds meer synthetische kijk op de werkelijkheid en is er een grotere drang om de spanning vast te leggen tussen de verschillende elementen onderling. Dit komt vooral tot uiting in "Vier witte paaltjes in mijn tuin" en nog extremer in "Vanuit mijn tuin". In het laatstgenoemde zouden we invloeden van Mondriaan en Léger kunnen vermoeden.Een reeks van vrouwenportretten, waarvan er 7 te zien waren op deze tentoonstelling, lijken dan weer meer verwant met Matisse.
In de werken uit de eerste helft van de jaren vijftig vinden we reeds alle kenmerken terug van Raveels eigengereide visie. De dingen worden in hun essentie en vanuit hun eigenheid afgebeeld. De beeldtaal is bedrieglijk eenvoudig. De ongenadige blik van Raveel legt echter de complexiteit en de verscheidenheid van de zichtbare werkelijkheid bloot.In deze periode tracht Raveel ook de begrenzing van het schilderij te doorbreken, vooral door plotse afsnijdingen en hevige kleuren die uit het doek lijken te knallen. In een later stadium zal dit uitvloeien van het schilderij in de ruimte verhevigd worden door het gebruik van de fameuze spiegels en andere extrapicturale elementen. Deze werken vind je terug in de vaste collectie.In de tweede helft van de jaren vijftig ontstaan abstract aandoende werken. Raveel voelde zich gevangen in vormbeperkingen en wou vitaler en expressiever gaan schilderen. Hijzelf noemde het "een bad in de realiteit". De werken zijn immers niet abstract bedoeld, het uitgangspunt is nog steeds de onmiddellijke omgeving, maar Raveel wou meer het organische karakter ervan weergeven.
Op de tentoonstelling waren ook twee zaaltjes met tekeningen te zien. De tekeningen zijn steeds erg belangrijk geweest voor Raveels artistieke ontwikkeling. Zij vormden steeds een onuitputtelijke voedingsbodem voor zijn schilderijen, maar bezitten tegelijkertijd een sterk autonoom karakter. Zij tonen ook Raveels veelzijdigheid in uitdrukkingswijzen en de rijkdom van zijn plastische taal. 

Tom Jooris

S00483
Klik om te vergroten
(Roger Raveel, Hoevetje, 1948, olieverf op hardboard, 40 x 49,5 cm, Collectie Vlaamse Overheid)